De familie Wolf Fischler-Chenka Fischler

De hoofdverblijfplaats van deze familie was wel Berchem , maar ze vertoefden veel in Kalmthout . Zeker in de vakantiemaanden. Aanvankelijk huurden ze een huis bij mijnheer Ascherik in de Gommarus van Geelstraat Villa Jeanne genaamd .
Daarna kochten ze een huis in de Thillostraat nr 10 en verbleven daar langere tijd
Ze woonden een drietal jaren in Kalmthout.
Wolf Fischler was een diamantbewerker maar werd later een diamanthandelaar. Hij was geboren in Oleszyce (Polen) 23/10/1900 en hij was gehuwd met Chenka Fischler . Geen directe familie maar ze hadden wel dezelfde grootvader.
Chenka in de familie Anna genoemd was geboren in Neu Sandes ( Nowy Sachs Polen) 5 juli 1902 en was reeds in België samen met haar ouders in 1908.
In 1923 toen ze bijna 22 jaar was trok ze naar Polen om er Wolf te ontmoeten. Ze verloofden zich in Polen en het was de gewoonte dat het huwelijk plaats vond waar het meisje woont . Zo huwden ze in België en bleven er ook wonen. Ze verbleven in Berchem en de eerste 4 kinderen zijn er geboren.


In 1934 toen ze echt woonden in Kalmthout is hun jongste zoon Baruch (Baby genoemd ) geboren in Kalmthout .
In 1935 zijn ze dan terug naar Berchem officieel verhuisd. Meestal verbleef en werkte vader in Antwerpen en kwam hij dikwijls naar Kalmthout om bij zijn familie te zijn.
In 1938 is dan nog een jongste dochter geboren . Zij was niet ingeschreven in Kalmthout .
De kinderen :
- Jacob Copillus geboren in Antwerpen in 1926 . Werd Capi genoemd.
- Sosia Lea geboren in Borgerhout in 1929 . Werd Sonia genoemd.
- Rachel geboren in Berchem in 1931.
- Abraham geboren in Berchem in 1932. Werd Aby genoemd.
- Baroch geboren in Kalmthout in 1934. Werd Baby genoemd .
- Hilda Fischler geboren in Berchem in 1938. Werd Henny genoemd.
Oorlogsjaren
Wolf Fischler handelde in diamanten. Wanneer in het begin van de oorlog de verordeningen tegen de joden strenger werden bewaarde en trieerde hij zijn diamanten bij zijn schoonouders in de Pretoriastraat in Berchem. . Hij had een grote stock aan ruwe diamant . De Duitsers hadden industriele diamant nodig voor de bouw van tanks en kanonnen. Op een dag drong de gestapo binnen in het huis . De ganse familie was toen daar . Bij toeval vond de gestapo een lading diamanten en werden zeer gewelddadig. Zij eisten zoveel mogelijk diamanten op en namen Wolf mee naar de gevangenis. Na zijn vrijlating is hij nog enkel malen naar de gevangenis gevoerd.
Door zijn financiële mogelijkheden kon hij Boliviaanse paspoorten kopen voor hem en zijn familie en zo waren ze een beetje beschermd. Bolivia collaboreerde namelijk met Duitsland .
Toen de razzia’s in Antwerpen volop bezig waren had de familie snel door dat ze zo snel mogelijk moesten vluchten naar een vrije zone . Op dat ogenblik was Wolf weer in de gevangenis en daarom organiseerde Anna de vlucht naar Frankrijk .Zij kregen de hulp van een passeur , Jean genaamd , maar om gans de familie tesamen over de grens te brengen zou te verdacht zijn en daarom heeft hij voorgesteld om in 3 groepen te vluchten.
De eerste groep bestond uit Capi, Rachel , Baby , een nichtje en hun Tsjechisch hulp. Ze vertrokken begin september 1942. Ze bereiken het Franse dorp Mérignac-sur-vienne in de buurt van Limoges na enkele gevaarlijke situaties en vele omzwervingen.
In Mérignac-sur-Vienne bevond zich hun tante Aline , zuster van Anna die reeds vroeger gevlucht was.
Drie weken later vertrok de tweede groep met Sonia en haar grootmoeder langs moeders kant . Sonia nochtans nog maar 13 jaar droeg een valiesje waar vader diamanten had in verstopt en ze zorgde voor haar grootmoeder die een zwakke gezondheid had en moeilijk te voet kon gaan . Dus ook na speciale situaties en vele omwegen zijn ze toch terecht gekomen in Mérignac-sur-vienne.
Ondertussen was Wolf vrijgekomen en dan vier maanden later beslissen Wolf en Anna ook te vluchten uit België . Samen met de ouders waren ook Aby en Henny . Aby was 10 jaar en Henny bijna 5 jaar . Wolf besloot echter een andere passeur te gebruiken en dat bleek later een vergissing te zijn . Deze passeur liet hen aan de grens alleen achter en toen werden ze onderschept door de Duitsers. Gelukkig besloot de Duitse officier de 2 kinderen naar een post van Rode Kruis te brengen maar de ouders werden aangehouden.
De 2 jonge kinderen zijn toen gescheiden van elkaar. Ze zijn naar een verschillend weeshuis gebracht . Henny werd naar een nonnenklooster gebracht waar ze slecht behandeld werd. Aby herinnerde zich het adres van zijn tante Lea en zo werden ze na enkele maanden uit het weeshuis gehaald. Tante Lea en nonkel Avroum regelde een passeur en die brachten de kinderen naar Nice. In Nice verbleven de 2 kinderen weer bij 2 aparte families en waren ze nog meer dan 700 km verwijderd van de andere kinderen. Toen de Italianen verdwenen uit Nice en de Duitsers op komst waren vluchten ze naar een bergachtige streek in de omstreken van Grenoble. Opgejaagd door de naderende Duitsers verbleven ze op verschillende plaatsen in boerderijtjes in de bergen en hebben ze een zeer lange en zware tocht moeten maken in de sneeuw.
Tenslotte zijn al de kinderen , tante Aline , tante Lea en nog een aantal familieleden samen terecht gekomen in Nice toen Frankrijk eind 1944 bevrijd werd. In al die tijd hebben ze niets vernomen over het lot van hun ouders op een brief van oktober 1942 na .
Hun ouders werden dus oktober 1942 meegenomen door de Duitsers en kwamen in Drancy terecht

42 jaar

40 jaar
Vanuit Drancy zijn ze weggevoerd naar Auschwitz en daar vermoord.
Na de oorlog
De kinderen zijn allemaal na de oorlog terug kunnen komen naar België en zijn dank zij tante Aline ,zuster van Anna, samen verder opgevoed.
Ondanks hun redding hebben deze kinderen zware traumas overgehouden van de oorlog . Zij waren tenslotte ook maar 16 , 13 , 11 , 10 ,8 en 5 jaar toen hun ouders verdwenen waren en ook veel nonkels en tantes , neven en nichten waren er niet meer. Ze herinneren zich allemaal nog nachtelijke tochten en lange wandelingen.
Na de oorlog hebben de 6 kinderen hun leven terug opgepakt . Zij hebben allemaal een getuigenis geschreven over hun ervaringen.
De 2 oudste kinderen Capi en Sonia herinnerden zich nog hun tijd in Kalmthout . De anderen waren te jong en hebben niets over Kalmthout geschreven. Baby was er nochtans geboren , maar hij heeft Kalmthout al op jonge leeftijd verlaten .
Over Kalmthout
Hier de getuigenis van Capi :
“Alle zomervakanties verbleven wij 6 weken aan de zee en 6 weken op de buiten in Heide-Kalmthout, een dorp op een twintigtal km van Antwerpen, waar veel joodse antwerpenaren op vakantie kwamen.Onze ouders huurden er een klein huis. Er was een synagoge en ons verblijf was recht tegenover de yeshiva Ets chaim, bekend in de wereld. Later kocht mijn vader een huis Van Thilloweg in Heide (na de oorlog heb ik het verkocht) . Tijdens de vakanties vertrok mijn vader zeer vroeg in de morgen per trein naar Antwerpen om zich s’avonds terug bij de familie te voegen”
De naam ‘Capi’ werd in Kalmthout gebruikt omdat mevrouw Ascherik hem die bijnaam had gegeven.
Hier de getuigenis van Sonia :
“Er was een yeshiva recht tegenover ons huis en ik ging er samen met mijn vader luisteren naar de Havdalah. Ik was 5 jaar en een half. De Rosh Yeshiva moest wel iemand buitengewoon zijn. Ik heb in mijn leven slechts 2 rechtvaardigen gekend . Eén van deze twee was ongetwijfeld de Rosh Yeshiva. Ik was niet religieus niet alleen ben ik niet religieus , ik ben niet-gelovig – maar wanneer deze rosh yeshiva de Havdalah voordroeg , kreeg ik vleugels en vloog recht naar de hemel. En dat was alle shabbatot. Ik herinner mij dat nog . We hebben er 3 jaar gewoond .”
De havdalah: is de ceremonie die de scheiding aangeeft tussen de sjabbat of een feestdag met werkverbod en de daarop volgende werkdag.
De rosh yeshivah (hoofd van de yeshiva) die Sonja bedoelde was Faivel Sapiro. Rabbijn Sapiro was als leraar en als mens een voorbeeld van nederigheid, eerlijkheid, goedheid, overgave en verantwoordelijkheid. Hij hield van de jongens en was voor hen als een vader.
Toen Sapiro was ondergedoken bij de heer Burack wilde hij na een huiszoeking de gastvrije familie niet meer in gevaar brengen . Hij trachtte naar het onbezette Frankrijk te vluchten, maar de persoon die hem en nog andere joden moest overbrengen, verklikte hen aan de gestapo, en zo kwam hij terug in de Dossin-kazerne van Mechelen en heeft een bitter einde gevonden in de nazi-kampen.

Rosh Yeshiva
De zoon Baby die in Kalmthout geboren is en op het ogenblik van dit schrijven 87 jaar is heeft in een gesprek met Anny Schiff ( de dochter van Sonia ) ook nog het volgende over Kalmthout verteld :
“We logeerden bij de familie Asherik in het voorhuis . Mijnheer Ascherik was een oorlogsheld , hij heeft een generaal van het leven gered. Ik denk dat hij daarom beloond is met veel grondstukken.
Mevrouw Asherik kookte voor ons. Zij gaf de kinderen een drank gemengd met bier !?
Zij dronken melk van de geitjes.
Ze hadden mooie pauwen, veel bijen en alle soorten dieren die je in een hoeve treft. Ze hadden ook veel groenten in hun moestuin.“


Tobias Schiff
Wij betrekken ook nog Tobias Schiff in dit verhaal omdat hij de echtgenoot werd van Sonia , de oudste dochter van Wolf en Anna .
Tobias werd ook vanuit Drancy naar de kampen gestuurd, samen met zijn vader en zijn moeder . Hij heeft daar veel moeten doorstaan , maar heeft toch de oorlog overleefd . Zijn vader en moeder jammer genoeg niet .
Ook zijn zuster werd in Antwerpen opgepakt en overleefde de oorlog niet.
Tobias is in Vlaanderen bekend geworden door zijn getuigenissen onder andere in de documentairereeks ‘De laatste getuigen’ van Lucas vander Taelen .
Zo heeft hij ook een getuigenis gebracht in het Gitok ( gemeentelijk instituut technisch onderwijs ) in Kalmthout tijdens hun dag van de vrede .
Tobias kende ook nog Heide goed van zijn verblijf in de yeshiva.
Dank aan Anny Schiff , de dochter van Tobias en Sonia , die ons de meeste informatie over de lotgevallen van de familie Fischler verteld heeft .

